Keerzijde van flexibiliteit

Publicatiedatum: 18 augustus 2021

Flexibiliteit en kwaliteit zijn kernbegrippen van een kistenbewaring. In de toekomst kijken is lastig maar met een kistenbewaring kun je alle kanten op, is een veelgehoorde opmerking. Neem in de overweging ook de nadelen van een kistenbewaring mee. 

Talloze akkerbouwproducten kun je prima bewaren in kisten, bovendien biedt dat type bewaring meer flexibiliteit dan een bewaring voor losgestort product. “Toch moeten telers met nieuwbouwplannen hun ogen niet sluiten voor de nadelen, want de winst van een kistenbewaring wordt nog wel eens overschat”, ervaart Harrie Versluis, Productmanager Bouw bij DLV Advies.

Beter bewaarresultaat

Een nieuwe bewaarplaats (zowel losgestort als een kistenbewaring) is altijd een stap vooruit. Een betere ventilatiecapaciteit, automatisering of betere isolatie: het draagt allemaal bij aan een beter bewaarresultaat, dus ook in een nieuwe bewaring voor losgestort product. Een kwaliteitsverbetering door het bewaren in kisten is vooral een gevolg van bewaring in kleinere eenheden. Rassen en partijen kunnen eenvoudiger apart gedroogd en gekoeld worden en partijen die je niet vertrouwt, kun je wat meer ventileren, dan wel een eigen behandeling geven. ‘Slechte’ kisten krijgen daardoor een maximale kans, zonder dat de ‘goede’ kisten eronder lijden. In een losgestort product bepaalt het slechtste deel van de partij het aantal ventilatie-uren en daarmee de indroging. Daarnaast ontstaan er in aardappelen minder drukplekken door de geringere storthoogte in kisten. Het gewichtsverlies van uien en aardappelen is in een kistenbewaring echter net zo hoog. Je moet immers evenveel warmte afvoeren. En koelen blijft (in)drogen. Voor winterpeen en knolselderij, gewassen die gevoeliger zijn voor indrogen, kost een luchtstroom meer kilo’s dan indirect koelen met langsstromende lucht in een kistenbewaring. 

Flexibel

Voor bedrijven met veel variatie in het bouwplan, areaal- en perceelgrootte, kan een kistenbewaring een voordeel zijn. Immers, de partijgrootte is bij een kistenbewaring veel kleiner dan bij een losgestort product. Kleine cellen zijn met kisten goedkoper te maken. Daarbij kan het ene jaar een cel gevuld worden met uien en het volgende jaar met aardappelen. Wanneer een gedeelte van een partij is afgezet, kan de cel soms weer gevuld worden met een ander product. Om die maximale flexibiliteit te krijgen, moet de installatie wel passen bij het meest veeleisende product dat er (mogelijk) in wordt bewaard. Dat betekent een koeling die geschikt is voor winterpeen en een ventilatie- en droogcapaciteit die past bij zaaiuien. Bouwkundig is de meerprijs vaak niet zo groot, echter nemen de installatiekosten daardoor wel flink toe. Een tussenweg kan zijn om alles voor te bereiden op het meest veeleisende product. Dus de mogelijkheid creëren voor een extra ventilator of compressor en rekening houden met een tussenwand die nu nog niet nodig is. Deze extra investeringen maken een kistenbewaring duurder dan een bewaring voor losgestorte producten. Wanneer er wordt uitgegaan van dezelfde uitgangspunten, zijn de investeringen ongeveer even hoog. Om te behoordelen of dat voor een specifieke situatie ook zo is, is wat rekenwerk nodig. De nuttige opslagcapaciteit per vierkante meter gebouw is één van de hoofdoorzaken van deze fluctuatie. Bij een gebouw dat ‘vierkant vol’ staat, zijn de investeringskosten van een kistenbewaring vaak net iets lager dan van een opslag voor losgestort product. Bij een losgestort product is vierkant vol goed mogelijk: storten kan tot de deur en alleen in de hoek bij de deur is wat handwerk nodig. Bij een kistenbewaring is dat veel lastiger. Er is immers een rijpad van circa 5 meter nodig voor de heftruck. Sommige akkerbouwers zetten dit rijpad vol, maar dit is luchttechnisch niet ideaal. Daarnaast verlies je daardoor de flexibiliteit van de kistenbewaring.

Goothoogte

Ook de goothoogte speelt een rol. Een stapelhoogte van zes kisten is ideaal. Een 3 tons-heftruck kan dan twee kisten tegelijk pakken en leeg kan het zelfs drie kisten oppakken. Maar deze hoogte is niet in elk bestemmingplan toegestaan. Vooral in Zuid- en Oost-Nederland is een goothoogte van 6 meter, ofwel maximaal 4 kisten langs de zijwand, vaak het maximaal toegestane. Ten opzichte van zes kisten scheelt dit zomaar 10 procent opslagcapaciteit. Neem ook de kosten van de in- en uitschuurapparatuur in de overwegingen mee. Een bedrijf dat is ingesteld op losgestort product, moet bij een kistenbewaring investeren in een kistenvuller en een heftruck. Bedrijven die zowel losgestort als in kisten bewaren, hebben naast een heftruck en een kistenvuller ook een strotbak, een hallenvuller en een duoband nodig.

Tweede man

Houd eveneens rekening met andere nadelen van een kistenbewaring. Zo kosten kisten veel meer arbeid. Om bij het inschuren van kisten een hoge capaciteit te realiseren, is vaak een tweede man met heftruck nodig. Bedrijven die maximaal gebruik willen maken van flexibiliteit zullen tijdens het bewaarseizoen ook wat vaker de kisten van de ene plek naar de andere rijden. Dan nog een praktisch punt over die kisten: ze blijven altijd in de weg staan, ook als ze leeg zijn. Er is dus altijd ruimte nodig voor overschot aan kisten. Voor bedrijven met te weinig schuurruimte helpt het dus niet om een cel vroeg leeg te maken.

Indelingstips:

  • een centraal gangpad met aan weerszijden cellen, bespaart ruimte en rijtijd;

  • zet deuren zoveel mogelijk bij elkaar. Deze ruimte moet namelijk altijd vrij blijven;

  • teken in het ontwerp altijd de rijpaden en actielijnen in. Probeer deze te minimaliseren;

  • voorkom dat lijnen elkaar kruisen;

  • zorg voor korte afstanden tussen de verschillende handelingen;

  • zet ruimtes met een centrale functie ook centraal: oftewel sorteer- en verwerkingsruimtes moeten het hart van het gebouw vormen.

Dit artikel is in aangepaste vorm overgenomen van LandbouwMechanisatie

Roosterkwaliteit verdient aandacht in varkensstallen

Het risico op roosterongelukken bij varkensbedrijven is beperkt. Toch is de roosterkwaliteit wel een aandachtspunt, zowel bij oudere stallen als bij nieuwbouw....

Lees verder

Livar besteedt stallenbouw uit

Livar nam vorig jaar twee nieuwe vleesvarkensstallen in gebruik. De stallen zijn gebouwd naar eigen ontwerp. DLV Advies verzorgde de vergunningaanvraag,...

Lees verder

Meer nieuws

Onze adviseurs staan
voor u klaar

Om u beter van dienst te kunnen zijn, maakt DLV Advies gebruik van cookies. Door op "Akkoord" te klikken of door gebruik te blijven maken van deze website, gaat u akkoord met het plaatsen van deze cookies. Lees meer over hoe wij cookies gebruiken in ons Privacybeleid