Onderzoek naar kansen monomestvergisting in gemeente Molenlanden

De energietransitie, de klimaatdoelen, duurzame landbouw en een leefbaar platteland. In de gemeente Molenlanden grijpt het allemaal in elkaar. DLV Advies deed in opdracht van de gemeente een diepgaand onderzoek naar de haalbaarheid van monomestvergisting. Dat leverde, tot tevredenheid van wethouder Jan Lock, drie verschillende modaliteiten op. “De eerste vergunningen zijn inmiddels door de gemeente afgegeven”, vertelt hij.

Jan Lock is portefeuillehouder energie- en warmtetransitie en agrarische economie. Voor de gemeente Molenlanden, een typische melkveehouderijgemeente in het Zuid-Hollandse veenweidegebied, waren er verschillende redenen om de mogelijkheden van monomestvergisting te verkennen, zo schetst hij.

Biogas

“Voor de landbouw ligt er een opgave om de uitstoot van ammoniak en broeikasgassen te reduceren. In onze gemeente willen we in 2050 van het aardgas af zijn. Eén van de opties is om over te gaan op biogas. Maar waar haal je biogas vandaan? Nou hebben wij 250 actieve melkveehouders in onze plattelandsgemeente. Dus begin 2023 hebben we onze omgevingsdienst een verkennend onderzoek laten doen naar de kansen van monomestvergisting.”

Verdiepingsslag

Vervolgens heeft de gemeente DLV Advies gevraagd om de verdiepingsslag te maken: hoe zou dat er dan uit kunnen zien? Welke mogelijkheden zijn er? Energiespecialisten Rick Kantens en Joan van den Heuvel van DLV Advies hebben onder meer de emissiereducties in kaart gebracht. Daar bleken goede kansen te liggen, tot 46 procent stikstofreductie op bedrijfsniveau. Daarbij is volgens Jan ook nadrukkelijk gekeken naar de combinatie van een stikstofstripper achter de mestvergister, zodat er ook alternatieve kunstmest gewonnen kan worden. Ook dat is door DLV Advies meegenomen in de berekeningen rond het verdienmodel, geeft hij aan. “Zo ondervang je ook deels het wegvallen van de derogatie; het scheelt mestafzetkosten en kunstmestaankoop.”

Drie rendabele varianten

Uiteindelijk leverde de haalbaarheidsstudie drie financieel rendabele varianten op. In de eerste plaats een cluster van (grotere) melkveehouders met elk een eigen mestvergister, en een gedeeld opwaardeerstation om het biogas geschikt te maken voor het aardgasnetwerk. De tweede vorm is een buurtvergister, waar kleinere melkveehouder dagelijks de mest naartoe kunnen brengen. En de derde variant is een hele grote collectieve mestvergister bij bedrijven die heel veel energie nodig hebben. “Daarover zijn we nu serieus in gesprek met twee grote bedrijven onze gemeente”, aldus de wethouder.

Eerste cluster krijgt vorm

Het eerste cluster van vier melkveehouders die hun eigen mest gaan vergisten en het biogas gezamenlijk opwerken, krijgt inmiddels ook vorm. “Er zitten twee kaasmakers bij, die gebruiken een deel van het biogas zelf in de kaasmakerij, en de rest gaat vervolgens het net op.” In deze ‘agrarische energie-hubs op het boerenerf’ wordt daarnaast gekeken naar de mogelijkheden van zonnepanelen, kleine windturbines en energie-opslag. “Dat kan bijvoorbeeld in mobiele accu’s in een grote zeecontainer. Die containeraccu kan vervolgens ingezet worden voor de elektrische aandrijving op grote zeeschepen, of voor elektrisch materieel dat wordt gebruikt bij de dijkverzwaring”, licht Jan toe.

Blij met het resultaat

De wethouder kijkt buitengewoon tevreden terug op het proces en op de samenwerking met DLV Advies. “DLV heeft alle drie de modellen rondgerekend. Dat deden Rick en Joan met heel veel passie en enthousiasme”, volgens Jan. “Je merkt dat ze zelf ook geloven in die oplossingsrichting. Bovendien zij vanuit hun expertise alle betrokken partijen bij elkaar, dat is heel prettig.” De eerste vergunningen voor het cluster van de vier melkveehouders zijn inmiddels door de gemeente afgegeven, en de subisidieaanvragen bij RVO zijn geregeld. Jan is er blij mee, ook omdat het de betrokken boeren zekerheid geeft voor de toekomst van het bedrijf. “Een vitale melkveehouderij in ons veenweidegebied is onderdeel van onze gemeentelijke visie. Daar maken we ons hard voor.”

 

Foto: regionaalenergieloket.nl