Ewald en Mariël Stamsnieder: 'We wilden minder financiële druk en meer vrijheid'
Melkveehouders Ewald (55) en Mariël (53) Stamsnieder stonden drie jaar geleden op een kruispunt: welke richting ga je op, als je geen overnamekandidaten...
Lees verderMet de publicatie van de zogeheten menukaart heeft de provincie Noord-Brabant een belangrijk element van het nieuwe voorgenomen emissiebeleid naar buiten gebracht. Deze lijst met maatregelen laat zien hoe het emissiebeleid in Brabant er in de praktijk uit kan komen te zien. “De menukaart bepaalt niet alleen hóe ondernemers kunnen voldoen aan de reductieverplichting, maar ook welke speelruimte zij hebben om dit op een manier te doen die past bij hun bedrijf”, benoemt Jeroen van Boxmeer, adviseur Vergunningen bij DLV Advies.
De reacties in de sector laten zien dat die speelruimte per diercategorie sterk kan verschillen. Voor sommige veehouders biedt de menukaart meerdere routes, voor anderen is de keuze beperkt. De nieuwe aanpak biedt een route uit de vergunningenimpasse en geeft bedrijven de mogelijkheid om via een melding en een verplichte maatregel stappen te zetten richting reductie. Tegelijkertijd laat de menukaart zien waar de knelpunten zitten: de beperkte keuzemogelijkheden in sommige diercategorieën, de krappe uitvoeringsperiode en de juridische vragen die bij dit nieuwe systeem horen.
De herziening van het Brabantse emissiebeleid komt voort uit een impasse die de afgelopen jaren is ontstaan in de vergunningverlening. Jeroen: “Voor alle fysieke maatregelen is een natuurvergunning nodig, maar die werd in veel gevallen niet verleend. Hierdoor konden maatregelen niet worden uitgevoerd en bleef de beoogde stikstofreductie uit—waardoor er juist geen ruimte ontstond om vergunningen te verlenen. Het resultaat was een stilstand waar zowel overheid als sector in vastliep.”
Met het nieuwe voorgenomen beleid kiest de provincie voor een andere aanpak. Niet langer staan vergunningen centraal, maar een meldingsplicht voor veehouders met stallen die een bepaalde leeftijd hebben bereikt. Voor rundvee gaat het om stallen van twintig jaar en ouder, voor andere diercategorieën om vijftien jaar en ouder. Wie onder deze regeling valt, moet een maatregel van de menukaart kiezen en die uiterlijk 1 juli 2026 uitvoeren. Uitbreiding in dierenaantallen is daarbij niet toegestaan; de stikstofreductie moet puur leiden tot lagere emissies, niet tot bedrijfsgroei. De gekozen maatregel wordt via een maatwerkbesluit als voorschrift vastgelegd. De provincie gaat ervan uit dat deze werkwijze zonder nieuwe natuurvergunning kan worden toegepast, omdat het gaat om reductie zonder uitbreiding. Het is daarmee een beleidsmatige koerswijziging ten opzichte van eerdere jaren.
Hoewel de provincie in haar communicatie stelt in te zetten op doelsturing, laten de conceptregels en de menukaart iets anders zien. De huidige systematiek bestaat volledig uit middelvoorschriften: veehouders moeten kiezen uit een vastgestelde lijst maatregelen, waarna de gekozen maatregel als verplicht voorschrift wordt opgelegd. Daarmee wordt niet gestuurd op het daadwerkelijke emissieresultaat, maar op het uitvoeren van een middel. Jeroen: “Een melkveehouder die kiest voor het verlagen van het ureumgetal voldoet volgens de tabel aan de reductie-eis zodra het ureumgetal onder een bepaalde grens blijft. Bij controle wordt vervolgens alleen dat getal beoordeeld, niet de feitelijke emissie. Dat is geen doelsturing.” Volgens Jeroen laat de provincie hiermee een duidelijke kans liggen. Veehouders willen vaak juist ruimte om zélf te sturen op emissiereductie, zonder vast te zitten aan één voorgeschreven route. Door reductie te baseren op gemeten resultaten ontstaat meer flexibiliteit én ruimte voor innovatie, ook voor maatregelen die nog niet volledig wetenschappelijk zijn uitgewerkt. Bovendien levert meten direct waardevolle data op voor beleid en praktijk. Dat doelsturing in de praktijk wel degelijk werkt, blijkt inmiddels uit de ervaringen die DLV Advies opdoet in provincie Gelderland, waar daadwerkelijk op emissieresultaten wordt gestuurd en veehouders aantoonbare reducties realiseren. Die praktijk laat zien dat een systeem gebaseerd op doelen, en niet op middelen, zowel uitvoerbaar als effectief kan zijn.
“Hoewel de menukaart duidelijkheid geeft over de mogelijkheden, brengt het tijdpad ook de nodige vragen met zich mee”, vervolgt de adviseur. Tussen het moment waarop het beleid naar verwachting wordt vastgesteld (medio december) en het moment waarop alle maatregelen uitgevoerd moeten zijn (1 juli 2026), ligt een relatief korte periode. “In die maanden moeten veehouders advies inwinnen, een keuze maken, financiering regelen, een melding indienen en de maatregel uitvoeren. Voor individuele bedrijven kan dit haalbaar zijn, maar op sectorniveau vraagt het veel van de capaciteit bij adviseurs, leveranciers en installateurs. Voor sommige technische ingrepen geldt bovendien dat er alsnog een vergunning voor de milieubelastende activiteit nodig is, zoals bij luchtwassers. De doorlooptijd hiervan kan in de praktijk langer zijn dan de totale beschikbare termijn.” De uitvoerbaarheid zal daarom een belangrijk aandachtspunt zijn zodra de regeling daadwerkelijk in werking treedt.
De nieuwe aanpak wijkt duidelijk af van hoe het beleid de afgelopen jaren werkte. De provincie gaat ervan uit dat een verplichte emissiereductie, gecombineerd met het verbod op uitbreiding en het gebruik van meldingen, voldoende wettelijke basis geeft om geen natuurvergunning meer nodig te hebben. Tegelijkertijd is dit een nieuwe constructie die nog niet eerder door een rechter is beoordeeld, waardoor nog niet zeker is hoe deze aanpak juridisch zal uitpakken. Jeroen: “Dat betekent dat op dit moment niet te voorspellen is hoe deze aanpak juridisch standhoudt wanneer er bezwaar- of beroepsprocedures volgen.” Het maatwerkbesluit staat open voor bezwaar, waardoor verschillende partijen – waaronder veehouders zelf – de mogelijkheid hebben om juridische duidelijkheid te vragen. Die procedures kunnen in de praktijk invloed hebben op de toepassing van de meldingen en op de zekerheid die ondernemers ervaren. Voor veehouders met lopende vergunningaanvragen bestaat de optie om deze kosteloos in te trekken, wat betekent dat er geen leges in rekening worden gebracht. Advieskosten die al zijn gemaakt, vallen echter niet onder deze regeling.
Hoewel de menukaart bedoeld is om keuze te bieden, is de invulling per diercategorie verschillend. Bij melkvee zijn er drie opties, waarvan twee technische maatregelen die een forse investering vragen. Voor jongvee is weidegang op dit moment de enige maatregel, wat in situaties waarin weidegang niet mogelijk is weinig alternatieven biedt. Voor de categorie overig vleesvee geldt wel een reductie-eis, maar staat er nog geen maatregel op de lijst. “Deze verschillen tonen aan dat sommige bedrijven direct passende opties hebben, terwijl anderen sterke beperkingen ervaren. Voor die bedrijven kan het betekenen dat vermindering van het aantal dieren de enige manier is om aan de reductieverplichting te voldoen.” Tegelijkertijd is het positief dat Brabant niet uitsluitend inzet op technische maatregelen. Ook voer- en managementmaatregelen krijgen een plek. “Dit biedt perspectief voor verduurzaming op een manier die aansluit bij de bedrijfsvoering en bij innovaties die minder ingrijpend zijn dan technische verbouwingen. De komende maanden zullen in ieder geval bepalend zijn voor hoe de regeling zich ontwikkelt en hoe veehouders hun keuzes kunnen maken. Wat nu vooral telt, is dat er duidelijkheid komt en dat de overgang naar de nieuwe systematiek praktisch haalbaar blijft voor de bedrijven die ermee te maken krijgen”, aldus Jeroen.
Melkveehouders Ewald (55) en Mariël (53) Stamsnieder stonden drie jaar geleden op een kruispunt: welke richting ga je op, als je geen overnamekandidaten...
Lees verderHet stikstofbeleid en de nieuwe emissienormen richting 2035 roepen bij veel melkveehouders dezelfde vraag op: wat betekent dit straks voor mijn bedrijf?...
Lees verder
De nieuwsbrief van DLV Advies wordt een keer per maand verstuurd met de meest interessante en actuele ontwikkelingen in de agrarische sector. Incidenteel kunt u nieuws en informatie ontvangen in een extra nieuwsbrief. Uw persoonsgegevens worden conform onze privacyverklaring verwerkt.